2016 – pleegzorg voor niet-begeleide minderjarigen

Jonge kinderen hebben nood aan veiligheid, rust en structuur. De aanwezigheid van (te) veel verschillende opvoedingsfiguren is niet goed voor de ontwikkeling op verschillende vlakken (emotioneel, affectief, hechting, …).  Helaas zijn er situaties waarbij kinderen in opvangstructuren of leefgroepen moeten opgevangen worden. Dat kan een goede voorlopige oplossing zijn voor een kind dat in een problematische leefsituatie zit, maar naarmate dit langer duurt, worden de nadelen groter dan de voordelen. De best mogelijke opvang is dus ook de kleinste: een gezin.

In ons land worden niet-begeleide minderjarigen bijna stelselmatig opgevangen in leefgroepen. Dat is niet overal zo. In Nederland bijvoorbeeld worden alle NBM jonger dan 14 jaar opgevangen in pleeggezinnen. Stichting Nidos, de Nederlandse Dienst Voogdij, heeft daarrond een aparte werking. Die zoekt naar opvanggezinnen (inclusief selectie, screening en opleiding) en begeleidt en coacht hen in de opvang van NBM. De insteek is niet dat de gezinnen vervangouders zijn, het zijn professionals van de kleinschalige opvang.

In de jaren voor 2016 gebeurde het heel af en toe dat een niet-begeleide minderjarige terechtkon in een pleeggezin, maar dat waren voornamelijk gezinnen uit de context van de minderjarigen zelf (oom, neef, dorpsgenoten, …). Bij de start van de vluchtelingencrisis in 2015 lanceerde de Vlaamse overheid in overleg met Pleegzorg een campagne ‘geef ze een thuis’. De respons was overweldigend. Daarop volgde een heel traject (infoavond, screening, selectie, opleiding, …) om de gezinnen voor te bereiden en een gelijkaardige screening om uit te maken welke kinderen in aanmerking kwamen voor pleegzorg. Maar toen er eindelijk gematcht kon worden, leidde dit vaak tot niets. Gezinnen waren met de tijd afgehaakt en de kinderen hadden ondertussen ankerpunten (een school, vrienden, hobby’s, …) die ze niet meer wilden verliezen.

Vanuit Minor-Ndako bleven en blijven we ervan overtuigd dat opvang in een gezin de best mogelijke zorg is, voor de ontwikkeling van het kind, voor de (integratie in de) samenleving. Agentschap Opgroeien deelt onze mening (pleegzorg is vele malen goedkoper dan residentiele opvang). Maar dan is een aanpak op maat nodig:

  • Als een gezin zich aandient, kort op de bal spelen, meteen met het gezin aan de slag gaan voor screening en opleiding. Als het te lang duurt vervliegt de motivatie.
  • Opstart van een pleegplaatsing is altijd moeilijk, nabijheid en ondersteuning in die eerste maanden is cruciaal. Opstart van de pleegplaatsing van een NBM is moeilijk tot de zevende macht. Een andere taal en cultuur, allerlei administratieve zaken regelen, de voogd, de verblijfsprocedure, … De begeleiding en ondersteuning in die eerste maanden moeten dus navenant zijn.
  • Het gezin doet een sprong in het diepe, dan moet er ook een tegemoetkoming zijn en de garantie van een terugvaloptie.

Op basis van deze premissen werd in 2016 een experimenteel traject rond ‘directe pleegplaatsingen’ opgezet met de pleegzorgdiensten enerzijds en ons mobiel team Mina anderzijds. Als zich een jong kind aandient, kijkt team Mina of er een pleeggezin beschikbaar is (gescreend, opgeleid, …).  Zo ja, dan volgt er een dubbele plaatsing: in het pleeggezin en een ‘reserveplaats’ in leefgroep Junior.

De pleegplaatsing start met de verhuis van het kind. Team Mina biedt intensieve ondersteuning aan het gezin. Dit kan veel omvatten: apps om communicatie mogelijk te maken, samen bellen naar de familie van het kind, allerlei tips & tricks om tot een goede sfeer te komen, …  De Mina-medewerkers zijn regelmatig aanwezig, helpen bij de administratie (inschrijven bij de gemeente en mutualiteit, …), ondersteunen het contact met de voogd, …  Er is een 24/7 permanentie bij de opstart en wordt verlengd indien nodig. Gedurende drie maanden heeft het gezin de garantie dat wanneer het niet klikt, het kind terechtkan in de reserveplaats bij Junior. Na die periode stopt de intensieve begeleiding door Mina en gaat Pleegzorg alleen door.

In 2023-2024 werden de activiteiten van het Mina-team tijdelijk uitgebreid naar netwerk-pleegplaatsingen (= opvang bij verwanten van het kind), na de vaststelling dat die gezinnen moeilijkheden ondervinden om de basisformaliteiten (inschrijving bij de gemeente en mutualiteit, een school zoeken, …) in orde te brengen. Op enkele maanden tijd groeide dit uit tot 70 begeleidingstrajecten.

Sinds 2016 heeft team Mina 163 pleegplaatsingen ondersteund waarvan een 70tal netwerkplaatsingen en bijna honderd ‘directe pleegplaatsingen’. Dat is een verwezenlijking waar we bijzonder trots op zijn en een goede zaak voor het kind, de samenleving en de jeugdhulp.